Fase I: 1921 - 1926

Pater Kusters, een Nederlandse Priester van het H. Hart en bouwpater van de congregatie, koesterde al lang het plan om in Belgisch Limburg met een school te beginnen. Het vervallen Montaignehof te Lanaken bleek een gedroomde locatie.

Op 19 september 1921 werd de koopakte getekend (€ 2066 = 83344 BEF), waardoor Pater Kusters eigenaar werd van het Montaignehof, hetgeen bestond uit het kasteel, een tuin, vijvers, lanen, weiden en bouwland (4ha 81ca). Wegens geldgebrek kon hij het boerderijcomplex nog niet aankopen.

Pater Kusters: stichter van het college Een deel van de koopakte De voorkant van het Montaignehof De achterkant van het Montaignehof De eetzaal in het Montaignehof (1923) Het park met de vijvers (rond 1925)

Twee dagen later nam Pater Kusters zijn intrek in het kasteel samen met Jefke Buelen en Willebrord Vroman. Onmiddellijk werd gestart met het opknappen van het bouwvallige kasteel en het bewoonbaar maken van 4 kamers op de tweede verdieping. Na enkele maanden werd de eerste verdieping aangepakt. De ridderzaal aan de linkerkant werd opgeknapt en omgebouwd tot de ontvangstzaal met een bescheiden huiskapel erachter. Rechts werd een grote zaal omgevormd tot 5 kamers, die nu betrokken werden door de bewoners. Bij gebrek aan geld sneuvelden ettelijke mooie bomen in het park en begon men zelf cementblokken te maken, met kiezel die te vinden was in het park. Met de overschot van de cementblokken werd een muur gebouwd vlak voor het kasteel, van de rechtervleugel van de boerderij tot aan de linkervleugel. Ook werd aan de rechterkant een portiershuisje en een ingang gebouwd. Intussen werd er ook gewerkt aan een grote grot in de voortuin aan de rechterkant van het gebouw. Tenslotte werd het gelijkvloers aangepakt. Rechts van de trap werd de keuken geïnstalleerd en de grote bergruimte ernaast werd voor de helft omgetoverd in de studiezaal en de andere helft in de eetzaal. De zolder van het bijgebouw, links van het kasteel, werd als slaapzaal ingericht voor de internen. De 4 kamers op de tweede verdieping, die waren vrijgekomen, zouden dienst doen als klaslokalen. Na 2 jaar van wroeten en zweten, zorgen en bedelen was de school klaar om zijn eerste leerlingen te ontvangen.

Op 15 augustus 1923 vierde Pater Kusters zijn zilveren priesterjubileum. Hij wilde dat dit tevens het plechtige inwijdingsfeest werd van de nieuwe stichtiging. En zo gebeurde ... "Niet alleen hoogwaardigheidsbekleders, maar ook de bevolking van Lanaken deelde in de feestvreugde. Vlaggen werden uitgehangen, geschenken en bloemen werden aangeboden en de harmonie, onder leiding van burgemeenster Dhr. Martin, bracht een serenade."

Op 8 oktober 1923 ging de school van start van 12 leerlingen. Meester Maesen en Meester Bergen uit Veldwezelt zouden 's avonds les geven en Dhr. Jef Martens zou als surveillant dienst doen. Pater Kusters zou samen met nog 2 andere paters overdag lesgeven.

De grot (1921-1924) Het Montaignehof De kloosterkapel in het Montaignehof (1921) Pater Kusters: stichter van het college

De droom van Pater Kusters was in vervulling gegaan. De volgende jaren meldden zich meer en meer leerlingen, zowel externen als internen. Maar in 1926 werd hij naar Rome geroepen voor het generaal bestuur en moest hij afscheid nemen van Lanaken. Hij werd opgevolgd door Pater Manders, die maar 1 jaar overste bleef.

Groepsfoto uit 1924 met Pater Kusters Groepsfoto uit 1925 met Pater Kusters